Dagelijks archief: 26 augustus, 2026

De schijn. Commentaar voor echtparen: Matteüs 23,27-32.

Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs 23,2732.
In die tijd sprak Jezus: Wee u, schriftge­leerden en Farizeeën, huichelaars! Gij lijkt op gekalkte graven die er van buiten wel mooi uitzien, maar van binnen vol zijn met doodsbeen­deren en allerhande onreinheid.
Zo ziet ook gij van buiten er voor de mensen wel uit als heiligen, maar van binnen zijt gij vol huichelarij en ongerechtigheid.
Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars! Gij bouwt de graven van profeten en versiert de grafmonu­menten van heiligen
en gij zegt: Als wij geleefd hadden in de tijd van onze vaderen, zouden wij niet medeplichtig geweest zijn aan moord op de profeten.
Gij getuigt dus tegen uzelf, dat gij zonen zijt van profe­tenmoorde­naars.

Nu dan, maakt gij de maat van uw vaderen maar vol!

Woord van de Heer.

De schijn.

De Heer nodigt ons keer op keer uit om in ons hart te kijken. Het beeld van de witgekalkte graven is indringend, maar het is ook een les voor ons. Het probleem is niet dat we wonden, zwakheden of zonden hebben; die hebben we allemaal, maar zolang we ze erkennen en ertegen vechten om niet te zondigen, blijven we op weg naar God. Het gevaar begint wanneer we ophouden de zonde te bestrijden en er vrede mee sluiten. Eerst vallen we; daarna rechtvaardigen we het: ‘Het valt wel mee’, ‘zo ben ik nu eenmaal’, ‘iedereen doet het’. Beetje bij beetje raken we eraan gewend om ermee te leven en beginnen we het te verbergen, uit angst dat het opvalt en anderen het zien. Daar begint de hypocrisie: we verdoezelen het kwaad aan de buitenkant, terwijl we het van binnen zijn gang laten gaan. De heilige Paulus waarschuwt ons: ‘Laat de zonde niet in jullie heersen’ (Rom. 6,12). Want de zonde waaraan we ruimte geven, wil uiteindelijk de troon innemen. Daarom hebben we de nederigheid nodig om onze wonden voor Christus open te stellen en aan Hem over te geven: wat erkend wordt, kan genezen worden; wat verborgen blijft, verhardt. Ook in het huwelijk kunnen we wennen aan kleine vormen van egoïsme, hardheid of wrok en die uiteindelijk gaan rechtvaardigen. Wat vindt Jezus in mijn hart als niemand me ziet? Is er iets dat ik niet meer wil veranderen? Jezus wil niet dat we er aan de buitenkant rein uitzien; Hij wil ons rein van hart maken.

Toegepast op het huwelijksleven:

Rocio: We hebben weer ruzie over hetzelfde…

Ignacio: Ach, we kennen elkaar nu eenmaal en zo gaat het altijd… we raken boos, zeggen wat scherpe woorden tegen elkaar en dan is het weer voorbij… de ‘normale ruzietjes’ van elk huwelijk.

Rocio: Normale ruzietjes? Nou, dat baart me zorgen, want we hebben het genormaliseerd… we zijn al zo lang zo bezig, dat we eraan gewend zijn geraakt.

Ignacio: Je hebt gelijk, we zijn vrede gaan sluiten met iets waarvan we weten dat het verkeerd is. We maken ons alleen zorgen als de kinderen, vrienden of familie thuis zijn.

Rocio: Weet je wat ik je zeg? We moeten onze fout erkennen, want niemand zoekt een dokter voor een wond die hij wil verbergen. Ik denk dat dit het gevaarlijkste is. We moeten ons tot de Heer wenden, we hebben Zijn genade nodig en we moeten een weg van bekering in ons hart inslaan.

Moeder,

Wanneer we gewend raken aan onze zwakheden, maak dan ons hart wakker en breng ons opnieuw naar Jezus. Gezegend zijt Gij!