Maandelijks archief: mei 2026

Verbonden harten Overweging voor echtparen: Johannes 15, 1-8

Evangelie van de dag

Lezing uit het Heilige Evangelie volgens Johannes

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: Ik ben de ware wijnstok en mijn Vader is de wijn­bouwer.
Elke rank aan Mij die geen vrucht draagt, snijdt Hij af; en elke rank die wel vrucht draagt zuivert Hij, opdat zij meer vrucht mag dragen.
Gij zijt al rein dank zij het woord dat Ik tot u gesproken heb.
Blijft in Mij, zoals Ik in u. Zoals de rank geen vrucht kan dragen uit zichzelf, maar alleen als zij blijft aan de wijnstok, zo gij evenmin, als gij niet blijft in Mij.
Ik ben de wijnstok, gij de ranken. Wie in Mij blijft, zoals Ik in hem, die draagt veel vrucht, want los van Mij kunt gij niets.
Als iemand niet in Mij blijft, wordt hij wegge­worpen als de rank en verdort; men brengt ze bij elkaar, gooit ze in het vuur, en ze verbranden.
Als gij in Mij blijft en mijn woorden in u blijven, vraagt dan wat gij wilt en gij zult het krijgen.
Hierdoor wordt mijn Vader verheerlijkt, dat gij rijke vruchten draagt; zo zult gij mijn leerlingen zijn.
Woord van de Heer.

Verbonden harten

We leven in een cultuur waarin het onmiddellijke, het oppervlakkige en het vervangbare de boventoon voeren; waarin we dingen uitproberen, veranderen, van het ene naar het andere overschakelen en, zonder dat we het doorhebben, dringt die manier van leven ook door in onze relatie met God. We zijn bang voor verbintenissen en zoeken in plaats daarvan naar ervaringen die ons raken en ons iets laten voelen. Toch herhaalt de Heer vandaag nadrukkelijk het werkwoord ‘blijven’: ‘Blijf in mij’. Blijven is niet af en toe verbinding maken; blijven is daar blijven, in het Hart van Jezus, en van daaruit het leven met Hem leiden. Dat blijven komt voort uit een leven van gebed (niet alleen uit een moment van gebed) en vereist ook een eerste inspanning om afleidingen en nutteloze gedachten te vermijden die ons van God afleiden, inspanningen om ons niet meer op onszelf te richten maar onze blik op de Heer te richten, inspanningen om onze gedachten en gevoelens in Zijn Hart te houden. Maar beetje bij beetje, naarmate onze ziel groeit in die eenheid met God, wordt het hart aangetrokken door de Heer en komt er een dag dat het moeilijk is om niet aan Hem en met Hem te denken. Dan kunnen we zeggen zoals de heilige Paulus: “Ik ben het niet die leeft, maar Christus leeft in mij.”

Toegepast op het huwelijksleven:

(Voor het slapengaan praten Marta en Lazarus samen over hoe hun dag is verlopen)
Marta: Toen ik vanmorgen in de bloemenwinkel aan het werk was, kreeg ik de opdracht om wat boeketjes te maken voor de communiekinderen… Ik ben er de hele ochtend mee bezig geweest omdat het er nogal wat waren, en terwijl ik ze maakte, bad ik voor elk van die kinderen, voor die zieltjes die de Heer voor het eerst zouden ontvangen, en vroeg ik om de zuiverheid van hun harten… daarna voor hun ouders… Ik heb de hele ochtend in gebed doorgebracht, samen met de Maagd de mooiste bloemen uitzoekend, terwijl ik helemaal ‘opging’ in haar Hart, en samen hebben we alles met zorg en liefde voorbereid…
Lazarus: nou… mijn dag was niet zo bloemrijk als die van jou… de Heer heeft eerder mijn trots gesnoeid door middel van een collega die me voortdurend vernederd en me subtiel belachelijk maakt in het bijzijn van de baas… maar in mijn binnenste heb ik me verenigd met de Heer en heb ik me al die vernederingen herinnerd die Hij heeft ondergaan… Daarna heb ik tijdens de eucharistieviering deze pijn die ze me deden, opgeofferd voor de redding van deze collega en voor zoveel zielen…
Marta: Ik dank God voor dit gebedsleven dat ons steeds meer met Hem verenigt. Wat is Zijn genade duidelijk merkbaar!
Lazarus: en zoveel… ik denk dat het ook een belangrijke stap voor onze zielen is geweest dat we ons hebben verbonden aan dit geloofspad, nietwaar?
Marta: ja, absoluut. Het hebben van een concreet pad in de Kerk waar we ons kunnen verdiepen in het gebed, de sacramenten, onze roeping… heeft ons geholpen om niet af en toe een geloof te beleven, maar om te proberen op elk moment verbonden te zijn met het Hart van Jezus en Maria…
Lazarus: Dat geloof ik ook, Marta. We sprongen van het ene naar het andere, afhankelijk van waar we zin in hadden, en we moesten ons verbinden en bij iets concreets in de Kerk blijven.

Moeder,

U die altijd met Jezus verbonden was, leer ons om onze harten altijd met Hem verbonden te houden. Gezegend en geprezen zij de Heer die ons naar Zich toe trekt!


Kies voor de ander. Commentaar voor echtparen: Johannes 14,27-31a.

Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes 14,2731a.
In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: Vrede laat Ik u na; mijn vrede geef Ik u. Niet zoals de wereld die geeft, geef Ik hem u. Laat uw hart niet verontrust of kleinmoedig worden.
Gij heb Mij horen zeggen: Ik ga heen, maar Ik keer tot u terug. Als gij Mij zoudt liefhebben,
zoudt gij er blij om zijn dat Ik naar de Vader ga, want de Vader is groter dan Ik.
Nu, eer het gebeurt, zeg Ik het u, opdat gij, wanneer het gebeurt zult geloven.
Veel zal Ik niet meer met u spreken, want de vorst van de wereld is op komst. Welis­waar vermag hij niets tegen Mij,
maar de wereld moet weten dat Ik de Vader liefheb en dat Ik handel zoals Hij Mij bevolen heeft. Staat op, laten we hier vandaan gaan.

Kies voor de ander

Wanneer we de vorst van deze wereld in ons huwelijk toelaten, ontstaan er onvermijdelijk ruzie, kilheid, wantrouwen en veroordeling. En dan staan we voor twee heel duidelijke wegen: reageren vanuit de pijn, of kiezen voor liefde, omdat we de Vader liefhebben en op Zijn liefde willen reageren. Het volstaat dat één van de twee die spiraal doorbreekt: dat hij of zij afziet van het gelijk te hebben, de eerste stap zet, in nederigheid om vergeving vraagt, teder omhelst, een oprecht ‘ik hou van je’ uitspreekt… Dan verandert er iets, want de genade breekt door. En er komt vrede in dat huis. Geen oppervlakkige vrede, maar de vrede van God: die het hart verruimt, die geneest, die de ware vreugde terugbrengt. Een vrede die niet afhankelijk is van de omstandigheden, en die de wereld ons nooit zal kunnen geven.

Togepast op het huwelijksleven:

Laura en Manolo hadden ruzie gehad over het zomerkamp van hun kinderen. Laura was ervan overtuigd dat het het beste was om hetzelfde kamp als alle andere jaren te kiezen, om het bekende te behouden; Manolo daarentegen was ervan overtuigd dat ze iets nieuws nodig hadden, om andere mensen en situaties tegemoet te treden en zo sterker te worden. Beiden verdedigden hun standpunt met vastberadenheid… totdat de ruzie uitbarstte. De woorden werden steeds heftiger en plotseling viel er een stilte. Een gespannen, ongemakkelijke stilte, die hen ertoe aanzette zich terug te trekken, elk naar een uiteinde van het huis, met een bezwaard hart. Beiden wisten wat er was gebeurd. Ze waren aan de verleiding toegegeven: waar gemeenschap had moeten zijn, was er verdeeldheid. En dat deed hen pijn. 

Afzonderlijk gingen ze in gebed. In het verborgene lieten ze de Geest hen de weg van de Liefde wijzen: een weg die loopt via het afzien van het eigen oordeel, via het gehoorzamen van degene van wie men houdt, via het zoeken naar gemeenschap… en bovenal via het verlangen naar het ware welzijn van hun kinderen (precies datgene waarover ze waren gaan discussiëren). Want er is geen groter welzijn voor een kind dan de liefde tussen zijn ouders te aanschouwen. 

Ze wisten nog niet welke beslissing ze zouden nemen. Maar ze wisten wel zeker dat dit niet de juiste weg was. En toen stonden ze allebei, bijna tegelijkertijd, op. Vanuit hun eigen plek besloten ze allebei op de ander af te lopen. En onverwachts kwamen ze elkaar midden in de gang tegen. Ze keken elkaar aan. Ze bleven staan. En op hun gezichten, nog vermoeid van de strijd, verscheen een glimlach die hen beiden verraste; de Geest brengt ook glimlachen teweeg. Ze deden nog een stap… en omhelsden elkaar. En op dat moment, zonder dat ze nog een keuze hadden gemaakt voor het kamp, hadden ze al het belangrijkste gekozen: boven alles van elkaar houden.

Moeder,

Leer ons dat Gods wil altijd draait om opofferende liefde en eenheid. Geprezen zij de Heer!


Hij woont in ons. Commentaar voor echtparen: Johannes 14,21-26.

Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes 14,21-26.
In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: Wie mijn geboden onderhoudt, die hij heeft ontvangen, hij is het die Mij liefheeft. En wie Mij liefheeft, zal door mijn Vader bemind worden; ook Ik zal hem beminnen en Ik zal Mij aan hem openbaren.
Judas ‑ niet de Iskariot ‑ zei tot Hem: ‘Heer, hoe komt het dat Gij Uzelf aan ons zult openbaren en niet aan de wereld?’
Jezus gaf hem ten antwoord: ‘Als iemand Mij liefheeft, zal hij mijn woord onderhou­den, mijn Vader zal hem liefhebben en Wij zullen tot hem komen en verblijf bij hem nemen.
Wie Mij niet liefheeft, onderhoudt mijn woorden niet; het woord dat gij hoort,
is niet van Mij, maar van de Vader die Mij gezonden heeft.
Dit zeg Ik u, terwijl Ik nog bij u ben,
maar de Helper, de heilige Geest, die de Vader in mijn Naam zal zenden,
Hij zal u alles leren en u alles in herinnering brengen wat Ik u gezegd heb.

Hij woont in ons.

De liefde tussen echtgenoten gaat verder dan een gevoel; op onze trouwdag hebben we beloofd onze huwelijksgeloften na te komen. Ik geef mijzelf aan jou en beloof je trouw te zijn… in gezondheid en in ziekte… (wanneer je een slechte dag hebt, een zwak moment…), wanneer we deze beloften van harte aanvaarden en nakomen, staan we Jezus en de Vader toe om in ons huwelijk te wonen en de Heilige Geest met zijn gaven in ons hart te openbaren, en dit verandert ons hele leven. De Heilige Geest, die sinds onze trouwdag onder ons is, heeft onze ‘toestemming’ nodig door onze intentie en onze daden om in ons te kunnen werken.

Toegepast op het huwelijksleven:

Álvaro: Lucía, sinds ik me realiseerde dat mijn belofte om je trouw te blijven tijdens onze bruiloft ook inhield dat ik zuiver moest blijven in mijn daden en gedachten, is mijn hart enorm veranderd! Ik ben je dankbaar voor alle hulp die je me daarbij hebt geboden.

Lucía: Ik ben ook heel erg veranderd. Vroeger dacht ik vaak slecht over je en daardoor ontving mijn hart je met wantrouwen. En ik was niet de hulp die God van mij vroeg.

Álvaro: In het begin kostte het me veel moeite en was het een grote strijd, maar na verloop van tijd vind ik het steeds natuurlijker om deze logica van God te omarmen.

Lucía: Dit is wat we onlangs tijdens de catechese hebben gezien: wanneer we erin slagen te groeien in de deugd van de zuiverheid, wat ons normaal gesproken moeite kost, stelt dat ons in staat om deze te ontvangen als een gave van de Heilige Geest, zoals het evangelie van vandaag zegt.

Álvaro: Wat een vreugde dat de Heilige Geest zich hierin heeft geopenbaard; nu Pinksteren nadert, is dit een goed moment om dat te vieren.

Moeder,

Mogen wij uit liefde de geboden van Jezus naleven, zodat Hij en de Vader in ons hart kunnen wonen. Geprezen zij God!

Altijd wachtend. Commentaar voor echtparen: Johannes 14,1-12.

Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes 14,112.
In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: ‘Laat uw hart niet verontrust worden. Gij gelooft in God, gelooft ook in Mij.
In het huis van mijn Vader is ruimte voor velen. Ware dit niet zo dan zou Ik het u hebben gezegd, want Ik ga heen om een plaats voor u te bereiden.
En als Ik ben heengegaan en een plaats voor u heb bereid, kom Ik terug om u op te nemen bij Mij, opdat ook gij zult zijn waar Ik ben.
Gij weet waar Ik heenga en ook de weg daarheen is u bekend.’
Tomas zei tot Hem: ‘Heer, wij weten niet waar Gij heengaat: hoe moeten wij dan de weg kennen?’
Jezus antwoordde hem: ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand komt tot de Vader tenzij door Mij.
Als gij Mij zoudt kennen, zoudt gij ook mijn Vader kennen. Nu reeds kent gij Hem en ziet gij Hem.’
Hierop zei Filippus: ‘Heer, toon ons de Vader; dat is ons genoeg.’
En Jezus weer: ‘Ik ben al zo lang bij u en gij kent Mij nog niet, Filippus? Wie Mij ziet, ziet de Vader. Hoe kunt ge dan zeggen: Toon ons de Vader?
Gelooft ge niet dat Ik in de Vader ben en de Vader in Mij is? De woorden die Ik u zeg, spreek Ik niet uit Mijzelf, maar het is de Vader die, blijvend in Mij, zijn werk verricht.
Gelooft Mij: Ik ben in de Vader en de Vader is in Mij. Of gelooft het anders omwille van de werken.

Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: wie in Mij gelooft, zal ook zelf de werken doen die Ik doe. Ja, grotere dan die zal hij doen, omdat Ik naar de Vader ga.

Altijd wachtend.

Hoe vaak voelen we ons verontrust, en lijkt het alsof de Heer is weggegaan en we Hem niet zien. De zorgen, het werk, duizend dingen die gedaan moeten worden en we hebben geen tijd om bij de Heer te zijn, en het lijkt alsof Hij degene is die is weggegaan, terwijl wij het eigenlijk zijn die ons van Hem hebben afgekeerd.

Hij zegt ons dat Hij “de weg, de waarheid en het leven” is, maar wij raken afgeleid en zien Hem niet. Echtgenoten! Hij wacht er altijd op dat we even naar Hem toe gaan, Hij wacht in de Eucharistie, Hij wacht op ons in het gebed, Hij wacht op ons in onze echtgenoot.

Laten we de wereld even opzij zetten en ons in Zijn Hart begeven, want Hij wacht op ons. Alleen in Hem vinden we de Waarheid en het Leven. Alleen door Hem, met Hem en in Hem zullen we ten volle leven.

Moed, echtgenoten! Christus is met ons.

Togepast op het huwelijksleven:

Carmen: Kijk eens, Javier, ik heb gemerkt dat ik me de laatste tijd laat meeslepen door de dingen van de wereld.

Javier: En waarom zeg je dat, Carmen?

Carmen: Nou, kijk, toen ik gisteren aan het bidden was, realiseerde ik me dat ik erg bezig ben geweest met de sociale evenementen die we hebben gehad, bezorgd over aankopen die vaak onnodig waren. Over details die het niet waard zijn.

Javier: Eerlijk gezegd heb ik je soms een beetje in beslag genomen gezien door het winkelen.

Carmen: Niet alleen dat… om mijn hoofd leeg te maken ben ik ook verslaafd geraakt aan een of andere serie, om te ontstressen, zei ik tegen mezelf.

Javier: Nou, ik heb ook die passie voor series, maar ik weet niet waar je heen wilt.

Carmen: Nou, als ik me met deze dingen bezighoud, verwaarloos ik andere, belangrijkere zaken, zoals het gebed, de eucharistie, en zelfs jou, mijn man. En dan begin ik zelfs te denken dat ik daar geen tijd meer voor heb, terwijl dat juist het allerbelangrijkste is. Zonder Hem kunnen we niets doen en Hij is de Weg, de Waarheid en het Leven.

Javier: Nu je het zegt, ik heb ook ons geloofsleven verwaarloosd en ben in de val gelopen van het “ik heb geen tijd”.

Carmen: Dan moeten we ons weer herpakken en terugkeren naar onze weg van heiligheid en geluk: ons sacrament, het gebed en zo vaak mogelijk de eucharistie bijwonen, vind je niet?

Javier: Dat vind ik geweldig, op dit moment ontdek ik dat jij de juiste hulp bent die God mij heeft gegeven om naar Hem toe te gaan.

Carmen: En ik dank God voor deze echtgenoot die Hij mij heeft gegeven.

Moeder,

Zorg voor ons, opdat wij ons nooit van de Heer afkeren en zo naar de hemel gaan, waar wij allemaal samen zullen genieten en God verheerlijken. Gezegend en geprezen zijt Gij voor altijd, Heer!