Christus kan alles. Overweging voor echtparen: Matteüs 9,18-26.

Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs 9,18-26.
Terwijl Jezus eens tot de menigte sprak, kwam er een overste naar Hem toe, wierp zich voor Hem neer en zei:
‘Mijn dochter is zo juist gestorven: maar kom haar de hand opleggen, dan zal zij weer levend worden.’
Je­zus stond op en ging met hem mee, vergezeld van zijn leerlin­gen.
Plotseling naderde Hem van achteren een vrouw die al twaalf jaar lang aan vloeiin­gen leed,
en raakte de zoom van zijn mantel aan.
Want ze zei bij zichzelf: ‘Als ik alleen maar zijn mantel kan aanraken, zal ik al genezen zijn.’
Maar Jezus keerde zich om, en toen Hij haar zag sprak Hij: ‘Heb goede moed, dochter,
uw geloof heeft u genezen.’ En vanaf dat ogenblik was de vrouw gezond.
Toen Jezus in het huis van de overste kwam en de fluitspelers en het misbaar makende volk zag, sprak Hij:
‘Gaat heen, want het meisje is niet gestorven maar slaapt.’ Doch ze lachten Hem uit.
Toen al dat volk buitengezet was, trad Hij naderbij, greep haar hand en het meisje stond op.
Het verhaal hiervan deed de ronde door heel die streek.
Woord van de Heer

Christus kan alles.

In het huwelijk zijn er momenten waarop het lijkt alsof er iets is ‘gestorven’: de enthousiasme, de communicatie, de tederheid, het verlangen om de ander te begrijpen of de hoop op verandering. De hoofdman van de synagoge legt zich niet neer bij de dood van zijn dochter; hij gaat Jezus zoeken omdat hij gelooft dat waar menselijke krachten opraken, Hij nog steeds kan ingrijpen. Ook wij als echtgenoten zijn geroepen om samen naar de Heer te gaan wanneer we het gevoel hebben dat onze relatie niet meer te redden is. Het geloof neemt de moeilijkheden niet weg, maar opent de deur zodat God datgene wat verloren leek weer tot leven kan wekken. Wanneer Jezus bij het huis aankomt, beschouwen allen de situatie als hopeloos en lachen ze Hem uit. Ook een echtpaar kan stemmen horen die zeggen: „Dat is niet meer te redden”, “Jullie zullen niet veranderen”, “Het is onmogelijk om opnieuw te beginnen”. Jezus nodigt ons uit om dat lawaai en die defaitistische stemmen te verdrijven en een ruimte van geloof binnen te gaan. Pas dan neemt Hij het meisje bij de hand en richt haar op.

Elke echtgenoot kan zich afvragen: welk aspect van ons huwelijk heeft er vandaag behoefte aan dat Jezus het bij de hand neemt en het opricht? Misschien de communicatie, het vertrouwen, de vergeving of het gezamenlijk gebed.

Het goede nieuws van dit evangelie is dat Jezus niet alleen mensen geneest; Hij geeft ook het leven terug aan huwelijken die zich in Zijn handen overgeven. Waar echtgenoten blijven geloven – al is het maar één van de twee en al is het maar met een klein geloof zoals dat van de vrouw die Zijn mantel aanraakte – bestaat er altijd de mogelijkheid van een nieuw begin. Terwijl Jezus naar dat huis loopt, blijft Hij staan bij een vrouw die al twaalf jaar leed. Het lijkt misschien een onnodige vertraging, maar voor Jezus is niemand een onderbreking. In het huwelijksleven gebeurt iets soortgelijks: vaak draagt een van de twee stille wonden met zich mee die de ander nauwelijks waarneemt. Die persoon moet gehoord, opgevangen en genezen worden voordat hij of zij verder kan gaan. Liefhebben betekent ook stilstaan om de wond van de partner te verzorgen, ook al lijken onze eigen problemen urgenter.

De vrouw raakt slechts de zoom van Jezus’ mantel aan. Haar gebaar drukt een nederig vertrouwen uit. In het huwelijk kunnen kleine gebaren van genegenheid, een bemoedigend woord, een oprecht verzoek om vergeving of een omhelzing op het juiste moment het begin zijn van een grote genezing. God maakt vaak gebruik van het kleine om grote daden te verrichten.

Toegepast op het huwelijksleven:

Manuel: Loreto, dit evangelie heeft me aan het denken gezet… Wat als er in ons huwelijk een ‘kamer’ is waar we iets als verloren beschouwen?

Loreto: Nou, die zal er wel zijn… Soms beschouwen we geduld als verloren, soms romantiek… en soms zelfs de dialoog!

Manuel: Net als de synagogeleider zouden we dat aan Jezus moeten voorleggen in plaats van het als onmogelijk af te schrijven.

Loreto: En net als de vrouw uit het evangelie moeten we erop vertrouwen dat een klein gebaar alles kan veranderen. Een knuffel, een vriendelijk woord, je verontschuldigen…

Manuel: Het moeilijkste is om de ‘fluitblazers’ het zwijgen op te leggen, die stemmen die zeggen: ‘Jullie gaan niet meer veranderen’.

Loreto: Dan moeten we ze maar het huis uitgooien. We maken zelf al genoeg lawaai.

Manuel: Waar beginnen we dan?

Loreto: Door Jezus onze hand te laten pakken… en door jou die van mij vaker vast te houden. En als je me, naast het vasthouden van mijn hand, daarna ook nog eens uitnodigt voor een ijsje, denk ik dat de romantiek zelfs weer tot leven komt.

Manuel: Natuurlijk, mijn liefste. Want die kleine attenties zijn altijd heel belangrijk. Bedankt dat je me daar aan herinnert.

Moeder

van de Hoop, leer ons altijd naar Jezus te gaan wanneer in ons huwelijk de enthousiasme of de kracht om lief te hebben lijkt te verdwijnen. Gezegend en geprezen zij onze Heer Jezus Christus.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *