
Geslachtslijst van Jezus Christus, zoon van David, zoon van Abraham.
was de vader van Isaak, Isaak van Jakob, Jakob van Juda en zijn broers;
Juda was de vader van Peres en Zerach, die uit Tamar geboren werden;
Peres was de vader van Chesron, Chesron van Aram,
Aram van Amminadab, Amminadab van Nachson, Nachson van Salmon,
Salmon van Boaz, die uit Rachab geboren werd; Boaz was de vader van Obed, geboren uit Ruth;
Obed was de vader van Isai en Isai van David, de koning.
David was de vader van Salomo, die geboren werd uit de vrouw van Uria;
Salomo was de vader van Rechabeam, Rechabeam van Abia, Abia van Asa,
Asa van Josafat, Josafat van Joram, Joram van Uzzia,
Uzzia van Jotam, Jotam van Achaz, Achaz van Hizkia,
Hizkia van Manasse, Manasse van Amon, Amon van Josia,
Josia van Jechonja en zijn broers in de tijd van de Babylonische ballingschap.
Na de Babylonische ballingschap werd Jechonja de vader van Sealtiel, Sealtiel van Zerubbabel,
Zerubbabel van Abiud, Abiud van Eljakim, Eljakim van Azor,
Azor van Sadok, Sadok van Achim, Achim van Eliud,
Eliud van Eleazar van Mattan, Mattan van Jakob.
Jakob nu was de vader van Jozef, de man van Maria, en uit haar werd geboren Jezus die Christus genoemd wordt.
De geboorte van Jezus Christus vond plaats op deze wijze. Toen zijn moeder Maria
verloofd was met Jozef, bleek zij, voordat ze gingen samenwonen, zwanger van de heilige Geest.
Omdat Jozef, haar man, rechtschapen was en haar niet in opspraak wilde brengen,
dacht hij er over in stilte van haar te scheiden.
Terwijl hij dit overwoog, verscheen hem in een droom een engel van de Heer die tot hem sprak:
‘Jozef, zoon van David, wees niet bevreesd Maria, uw vrouw, tot u te nemen; het kind in haar schoot is van de heilige Geest.
Zij zal een zoon ter wereld brengen die gij Jezus moet noemen, want Hij zal zijn volk redden uit hun zonden.’
Dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden wat de Heer gesproken heeft door de profeet, die zegt:
Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon ter wereld brengen
en men zal Hem de naam Immanuel geven. Dat is de vertaling: God met ons.
We bevinden ons ongetwijfeld op het donkerste moment in het leven van Jozef. Zonder te begrijpen wat er gebeurt en terwijl hij overweldigend leed doormaakt, blijft hij openstaan voor de stem van God, totdat hij God zijn plannen laat veranderen: van de wens om zich terug te trekken, gaat hij over tot het verwelkomen van zijn vrouw. Wat kunnen wij als echtgenoten veel leren van Jozef! Wanneer we geconfronteerd worden met het mysterie van het hart van de ander, wanneer we niet begrijpen waarom hij of zij zo handelt, wanneer hij of zij de dingen niet op dezelfde manier ziet als wij of wanneer zijn of haar zwakheid, zijn of haar zonde aan het licht komt… dan is onze eerste neiging om afstand te nemen. We verbreken de gemeenschap terwijl onze roeping ons juist oproept om ons over te geven en elkaar te verwelkomen. Luister ook jij, wanneer je voor een moeilijkheid staat, naar de woorden van de engel: „Wees niet bang om je echtgenoot bij je te nemen.” Graveer ze in je hart. De engel zegt niet simpelweg tegen Jozef: „Maak je geen zorgen.” Hij roept hem op om de liefde te belichamen, het is nu het moment! „Wees niet bang om Maria, je vrouw, bij je te nemen.” Jozef vertrouwt op God en neemt haar bij zich. Dat is wat we moeten doen als we de belofte willen vervullen om een huwelijk te leiden zoals God het bedoeld heeft. Maken jullie een moeilijke periode door? Neem elkaar aan. Hebben jullie meningsverschillen? Neem elkaar aan. Hebben jullie elkaar gekwetst? Neem elkaar aan. Begrijpen jullie elkaar niet? Neem elkaar aan. En kijk naar de vrucht: Jozef nam Maria aan en door Maria aan te nemen, was de vrucht Jezus. Kijk daarom niet naar hoeveel moeite het je kost om je echtgenoot te aanvaarden, kijk niet naar wat je verliest. Vraag de Heilige Geest om je hart te verruimen, overwin je eigenliefde en stort je in de liefde, want elke keer dat jullie elkaar aanvaarden en je aan elkaar overgeven, winnen jullie Christus.
Terug naar het huwelijksleven
Javier en Elena rijden naar huis na een etentje bij vrienden. Zij rijdt. Javier, moe en verlangend om thuis te komen, kijkt met enige wanhoop uit het raam hoe de ene auto na de andere hen inhaalt en voor hun neus verdwijnt. Dan richt hij zijn blik op de snelheidsmeter.
Javier: Elena, schat… je rijdt maar 40…
Elena: En dan?
Javier: Nou, dan komen we morgen pas thuis…
Elena: Ach, wat overdrijf je toch. Ik vind het gewoon leuk om in de auto met je te kletsen, jij niet?
Javier: Hahaha, maar wat heeft dat ermee te maken?
Javi wil er nog op aandringen, maar kijkt haar aan. Hij weet dat ze zo moet rijden om zich veilig te voelen en houdt zijn mond. Ze glimlacht naar hem; ze weet dat Javi graag hard rijdt, maar accepteert hem zoals hij is.
Elena: Ik hou van je, Carlos Sainz…
Javier: En ik van jou, schatje
Moeder,
Hoe eenvoudig is het om liefde op te bouwen en hoe moeilijk kost het ons. Leer ons de ware nederigheid die ons in staat stelt het verborgen binnengaan en daar de ware liefde te vinden. Geprezen zij Jezus!

